De Mount Everest (ook bekend als Qomolungma, Qomolangma of Sagarmatha Chomolungma) is een berg in de Himalaya, op de grens van Nepal en Tibet. Met zijn hoogte van 8848 meter is het de hoogste berg op aarde.[1] De berg is genoemd naar de Britse geodeet Sir George Everest, 'surveyor general' van India.
De Mount Everest is een belangrijke bron van inkomsten voor China en Nepal. Er zijn veel gidsen die bergbeklimmers begeleiden naar de top. De Nepalese regering eist voor elke klimmer een bedrag van meestal meer dan 30.000 euro.
Een Chinese expeditie, die met ultramoderne meetapparatuur was uitgerust, kwam op 22 mei 2005 tot de conclusie dat de berg ongeveer 3½ meter lager was dan tevoren werd aangenomen: de hoogte zou nu 8844,43 m, met een foutenmarge van 21 cm, in plaats van 8848,13 m bedragen. Een Amerikaanse meting, waarbij gps-apparatuur op de top werd geplaatst, kwam uit op een hoogte van 8851 m. Overigens dient hier bedacht te worden dat de hoogte van de Mount Everest geen statisch gegeven is. Door tektonische bewegingen in de aardkorst vindt voortdurend opheffing en daling plaats. Een flinke aardbeving in dit gebied bijvoorbeeld kan de berg enkele decimeters doen groeien of lager laten worden. Een andere oorzaak waardoor uitkomsten verschillen, is het gebruik van verschillende modellen van de aarde.
Daarnaast moet worden opgemerkt dat de top van Mount Everest niet het verst van de kern van de aarde gelegen punt is. Doordat de aarde aan de polen afgeplat is en aan de evenaar uitdijt, is de straal van de aarde op de evenaar 21 km groter dan aan de polen. De Chimborazo die bijna op de evenaar ligt, neemt daardoor met 6384 km een koppositie in (tegen 6382 km voor de Everest). Desalniettemin is de Everest wel degelijk de hoogste top in termen van zwaartekracht en dus gemiddeld zeeniveau. Wanneer er een aquaduct tussen de top van de Everest en de top van de Chimborazo gebouwd zou worden, zou het water van de Everest naar de Chimborazo stromen en niet andersom.
bewerk Beklimmingen (records)
- 1953 - De eersten die de Everest beklommen en levend terugkwamen waren de Nieuw-Zeelander Edmund Hillary en de Sherpa Tenzing Norgay. Zij bereikten op 29 mei 1953 de top met hulp van een zuurstofapparaat. Mogelijk bereikten George Mallory en Andrew Irvine de top in het jaar 1924. Men heeft namelijk gezien dat ze de top tot op enkele honderden meters benaderd hebben, maar vervolgens verdwenen ze uit het zicht. Mallory's lichaam werd pas in 1999 gevonden bij een verlaten Chinees bergkamp. Vermoed wordt dat de twee de top niet hebben gehaald. Tegenwoordig is de Everest door honderden mensen beklommen, enkele bijzondere worden hieronder vermeld. Routine is het echter nog steeds niet: de mortaliteit van een toppoging is om en nabij de 10%. Vele tientallen mensen zijn omgekomen bij een poging de top te bereiken.
- 1978 - Reinhold Messner (Zuid-Tirol/Italië) en Peter Habeler (Oostenrijk) waren de eersten die op 8 mei 1978 erin slaagden de top te bereiken zonder een zuurstofapparaat. Deze prestatie verbaasde vele fysiologen. Tot dan werd een beklimming zonder supplementaire zuurstof niet voor mogelijk gehouden. Vele onderzoeken op dit gebied volgden.
- 1988 - Tom Whittaker mist zijn rechtervoet, maar wist toch op 27 mei 1988 met een kunstvoet de top van de berg te bereiken. Dit heeft in ieder geval als voordeel dat deze niet kan bevriezen. Bevriezingen van extremiteiten als tenen en vingers komen relatief veel voor bij klimmers op de Mount Everest.
- 1990 - René de Bos is de eerste Nederlander die in 1990 (met zuurstofapparaat) voet zette op het dak van de wereld. De klimmer Bart Vos claimde hiervoor als eerste Nederlander de top te hebben gehaald op 8 oktober 1984. Er wordt echter getwijfeld aan zijn verhaal omdat hij geen bewijzen kan tonen. Een onderzoekscommissie, die zijn claim in eerste instantie had toegekend op basis van het principe dat een klimmer op zijn woord geloofd wordt tenzij er tegenbewijzen zijn, heeft deze conclusie later na andere getuigenverklaringen nadrukkelijk herroepen.
- 1990 - De eerste zoon van een voormalig Everestbeklimmer die ook de top bereikte was de Nieuw-Zeelander Peter Hillary, op 10 mei 1990.
- 1993 - Het grootste aantal gelukte toppogingen op één dag is 40, op 10 mei 1993.
Gezicht op de noordflank vanaf het pad naar het basiskamp in Tibet
- 1996 - De snelste beklimming. De Italiaan Hans Kammerlander beklom de berg op 24 mei 1996. Via de standaardroute op de noordflank in 16 uur en 45 minuten. Het was overigens een triest recordjaar met 15 doden.
- 1999 - De eerste Belg die de top bereikte vanuit Tibet, is Pascal Debrouwer. Deze prestatie leverde hij op 18 mei 1999. Tijdens de afdaling is Debrouwer weggegleden en verongelukt, waarschijnlijk wegens oververmoeidheid. Het is niet exact bekend waar zijn lichaam ligt, alleen dat het ergens op zo'n 8000 meter hoogte moet zijn.
- 2002 - Hans van der Meulen was de eerste Nederlander die in 2002 erin slaagde de top te bereiken zonder een zuurstofapparaat. Hoewel hij geen enkel bewijs heeft, geen foto's van boven het hoogste tentenkamp heeft, helemaal alleen op de berg was en het weer zeer slecht was wordt er over het algemeen niet getwijfeld aan zijn prestatie. Ook niet door Wilco van Rooijen die deel uit maakte van de expeditie van Hans van der Meulen maar zelf niet de top wist te bereiken.
- 2004 - Wilco van Rooijen was de eerste Nederlander die op 20 mei 2004 erin slaagde de top te bereiken zonder een zuurstofapparaat maar met getuigen, foto's en video-opnamen. Van het door Wilco geleide team bereikten alleen Wilco en zijn sherpa Dawa de top. Het plan om van de top af te dalen met een parapente mislukte omdat de parapente tijdens een storm was weggewaaid. Het was zijn tweede expeditie naar de berg.
- 2005 - De Franse helikopterbouwer Eurocopter bereikte op 14 mei 2005 voor het eerst met een helikopter de top van Mount Everest. Het record werd bevestigd door de FAI. De piloten hebben op de terugweg op verzoek van de autoriteiten vanuit het basiskamp enkele klimmers in nood opgepikt. Het persbericht luidde: "On May 14th, 2005 at 7h08 (local time), a serial Ecureuil/AStar AS 350 B3 piloted by the EUROCOPTER X-test pilot Didier Delsalle, landed at 8,850 meters (29,035ft) on the top of the Mount Everest (Kingdom of Nepal)."[2]
- 1990-2008 - De Sherpa "Appa" is recordhouder Everestbeklimmen: hij heeft 18 keer op de top gestaan.
- 2007 - Rob Baber heeft het hoogste telefoongesprek ooit gevoerd. De man belde in half bevroren toestand zijn vrouw en kinderen vanaf de top van de Mount Everest. "Hallo? Hallo! Het is geweldig, ik kan mijn voeten niet voelen!", waren zijn eerste woorden. Baber kon het uitzonderlijke belletje doen omdat China onlangs een nieuw hightech basisstation had geplaatst. Het gesprek had wel wat om handen: door de extreme kou en wind op 8.848 meter hoogte moest de batterij van de mobiele telefoon op het lichaam van Baber worden vastgeplakt om niet kapot te vriezen. Ook het gebruik van een handset was gevaarlijk omdat Baber hiervoor zijn zuurstofmasker moest afzetten. Sponsor Motorola heeft het vastgelegd. Om het gesprekje te bewijzen, maakte Baber eerst een oproep naar een voicemail-account. Na de twee telefoongesprekjes pikte de klimmer in zijn recordreeks ook nog het hoogste gemaakte sms'je ooit mee.
- 2008 - Op 25 mei 2008 werd bekend gemaakt dat een niet bij naam genoemde Nepalese man van 76 jaar oud het record van Katsusuke Yanagisawa verbroken had[4].
- zonder datum - Een 15-jarig Nepalees Sherpameisje is de jongste vrouw die het dak van de wereld betrad, en niet de Amerikaanse Samantha Larson die op 16 mei 2007 de top bereikte.[5]
bewerk De zone des doods
Over het algemeen wordt elk gebied boven 8.000 m vanwege het gebrek aan zuurstof in de lucht aangeduid als zone des doods. Zo is de atmosferische druk op de top van de Mount Everest maar één derde van die op zeeniveau, waardoor slechts 33% van de normale hoeveelheid zuurstof beschikbaar is.
In mei 2007 ondernam de Caudwell Xtreme Everest een medische studie van de zuurstofwaarden in menselijk bloed op extreme hoogte. Meer dan 200 vrijwilligers klommen naar het basiskamp van de Mount Everest, alwaar ze onderworpen werden aan verschillende medische testen om de hoeveelheid zuurstof in hun bloed te onderzoeken. Een klein team voerde eveneens testen uit tijdens de beklimming van de top.
Zelfs in het basiskamp had het lage gehalte aan zuurstof in de lucht een direct effect op de zuurstofwaarden in het bloed. Op zeeniveau bevinden deze waarden zich gewoonlijk op 98% tot 99%, maar in het basiskamp vielen ze terug naar waarden tussen 85% en 87%. Op de top genomen bloedmonsters toonden nog lagere zuurstofwaarden. Een gevolg van lagere zuurstofwaarden is een versnelde ademhaling (van 20-30 tot 80-90 ademhalingen per minuut), die op zijn beurt weer fysieke uitputting tot gevolg heeft.[6]
Ook door andere redenen is de zone des doods van de Mount Everest voor klimmers aanmerkelijk moeilijker te overleven dan die van andere bergen. De temperaturen kunnen dalen tot zeer lage waarden, wat resulteert in de bevriezing van alle onbeschermde delen van het lichaam. Doordat de temperaturen zo laag zijn, is de sneeuw in sommige gebieden bevroren, wat weer aanleiding kan geven tot dodelijke uitschuivers en valpartijen. Ook de sterke winden zijn een potentieel gevaar voor de klimmers.
bewerk Externe links
|